1401-1500

1406
                        
eerste stadhuis

1406 (kort na): Antwerpens eerste stadhuis, het zgn. 'Schepenhuis', wordt gebouwd langsheen de Rui aan de Markt (d.i. ter hoogte van het plantsoen tussen Suikerrui en het actuele stadhuis op de Grote Markt). - [stekelig-2000, p.19]. Oudere auteurs, zo Jan Van Acker, gebruiken als datering 1324 - [acker-antw-1975, p.240]. Ca. 1540 dacht men aan nieuwbouw, opnieuw in gotische stijl. De vanaf 1542 als een noodzaak ervaren nieuwe stadsomwalling verhinderde deze bouw. Klaarstaande steenladingen werden in de omwalling benut. Pas in 1561 wordt, nu in renaissancestijl, de nieuwbouw aangevat.
Als in 1564
dit actueel nog in gebruik zijnde stadhuis klaar is, kan het te klein geworden, maar ook niet meer bij de allure van de stad passende, gotische gebouw worden gesloopt.
Het uitzicht van het oude gebouw werd toen iconografisch gedocumenteerd naar een toestand van ca. 1561, Gillis Mostaert kreeg de opdracht voor een schilderij, hij verwerkte het gegeven in 'Een Passiespel op de Grote Markt in Antwerpen' (KMSKA, inv. 681; KIK: C5299). - [kmska-om-1988, p.260]; [stekelig-2000, p.19]; [ill: wit_1: 13].
Hiernaar werd voor Papebrochius' 'Annales Antverpiensis' uit 1708 de gravure 'Vetus Curia Antverpiae' gemaakt door Hendrik Causé. Op de voorgrond werd het terrein voor het nieuwe stadhuis (1561
-1564) afgestippeld. - ["Antwerpen", 4e jaargang (1958), nr. 3, september 1958, p.114]; [acker-antw-1975, p.240].
Bij de illustratie hiernaast: In de 19de eeuw, met de herbelangstelling voor het eigen verleden, ontstaan nog andere varianten op het thema. In het Museum Vleeshuis wordt een een Delfts tegeltableau bewaard, gemaakt naar de prent van Causé. En op de wereldtentoonstelling van 1894
zal het gebouw in volle omvang tijdelijk herverrijzen in de wijk 'Oud-Antwerpen'.

1407-1408
                      
klimaat: strenge winter
      

1407-1408: Klimaat: strenge winter ("De grote winter")

1408
        
Karmelieten
        
         

1408: De karmelieten betrokken sinds 1408 een huis aan de Huidevettersstraat, dat op het einde van de vijftiende eeuw door Maximiliaan van Oostenrijk tot een klooster werd omgevormd. [Guicc-idyll-1987, n53]

1409

eerste burgemeesters:
Nikolaas van Wijneghem
Gillis Bacheler

opositie tegen Bourgondië

2 december 1409: De eerste Antwerpse burgemeesters ('borchmeesters'), Nikolaas van Wijneghem (Claes van Wyneghem) en Gillis Bacheler, (binnen- en buitenburgemeester) worden door de Antwerpse schepenen verkozen. Dit eigen stedelijk initatief, in wezen een oppositie tegen hertog Antoon van Bourgondië (men incorporeerde uit economische motieven het hertogelijke burchtdomein in het stedelijke), toont het nieuwe stedelijk zelfbewustzijn aan. In 1411 zal de hertog de functie erkennen (akte 28 maart 1411). [prims-gva_4-1980, p.17-18]; [wit_1, p.13]; [prims-asia36, p.272-274].

Literatuur:
Peeters, K.C.: "De eerste Antwerpse burgemeesters", in: "Antwerpen" (1955), 1e jaargang, nr. 2, p.77-82.
Lijst van overheidspersonen (magistraat), periode 1406-1477, in: [prims-gva_4-1980, p.118-142]

1415

gilden en ambachten: tapijtwevers

1415: Oprichting van het tapijtweversambacht, tapijtleggers groeperen zich los van de linnenwevers. [antw_XVI-1975, p.495]

1419

Keurboek metten Doppen 
        
         

1419: Het gebodboek van de keurmeesters, het zgn. "Keurboek metten Doppen" (naar het metalen beslag) bevat de eerste Antwerpse 'politiereglementen'. De keurmeesters bestonden als stedelijke functionarissen sinds 1407, ervoor was hun functie afhankelijk van de hertog. (SAA, ref. N) [prims-asia36, p.279, 309].

1420

Onze-Lieve-Vrouwekerk

Zakbrug
        
         

1420: Bij de bouw van de Onze-Lieve-Vrouwekerk wordt rekening gehouden met een verhoogde waterstand van de Schelde. De aanzet wordt 3 voet opgehoogd, zodat het nieuwe schip ongeveer op de hoogte kwam van het reeds gebouwde koor. [prims-asia51, p. 41].


13 juni 1420 (akte): ivm Zakbrug - Antwerpen vraagt aan de hertog (Jan IV van Brabant) een nieuwe toegang doorheen de burchtmuur, naar de Werf, om een nieuwe brug over de Burchtgracht. De toelating van de hertog volgt:

« een gat te doen maken in den muer also wijt alse onse andere poorten sijn in deselve onse borch, ende dair doiren in hanen ende dat sij doer dat gat een brugge soelen mogen maken van houte streckende over onse borgtgracht, also voirt ter Zierickstraten (Zirkstraat) waert ane, also lanck ende breet als hen genuegen sal, ende dat sij in deselve onse borchgracht (Burchtgracht) selen mogen maken steenen pylare te joken, also hoege alse hen nut ende orberlic wesen sal omme deselve brugge dair op te leggene. Oec soelen sij die brugge mogen doen cautsiden (kasseien), van niews vermaken, verplancken, verlenen ende wel gereect houden ende doen houden also denselven onsen goeden luden duncken sal orberlic ende profitelic wesen... » (13 juni 1420 - Privilegiekom, C. i. 183). [SAA] [prims-gva_4-1980, p.55-56]

(Burchtmuur, zie ook 1200, 1272, 1827, 1884, 2004)

1422

gilden en ambachten: bontwerkers, meerseniers

godshuizen van ambachten

Sint-Jooskapel



Sint-Nicolaaskapel


        
         

1422-1425: Tussen 1422 en 1425 heeft het ambacht van de bontwerkers, naar het voorbeeld van de huidevetters, een godshuis met kapel opgericht. Het godshuis, in de Wolstraat, telt aanvankelijk 7 'cameren', later worden het er 13. De kapel is toegewijd aan Sint-Joos, patroonheilige van het ambacht. Er zijn misstichtingen vanaf 1427. De kapelanie van Sint-Joes (sic) in Coppenhole (Wolstraat) wordt erkend door het Onze-Lieve-Vrouwekapittel in 1447. [prims-gva_4-1980, p.164]

Ca. 1425: Stichting van het godshuis van de bontwerkers aan de Wolstraat (Bontwerkersplaats, meenummerend met Wolstraat als nr. 37). In 1450 wordt de Sint-Jooskapel (Sint-Judocuskapel) toegevoegd, die om en rond 1880 wordt gesloopt. Vandaag telt de Bontwerkersplaats een tiental woningen rond een bleekhof. [vdw-1977, p.526]

1422: Als, in 1422, de Derde-Ordezusters van de Lange Nieuwstraat hun woonst en kapel verlaten om naar het vroegere Falconbroek te verhuizen, kopen de meerseniers het verlaten erf om er hun godshuis - inclusief kapel - van te maken. Op 16 april 1423 [SAA: Schepenbrieven 1423, folio 6 verso] wordt geakteerd dat een priester mis zal lezen in de kapel, 'gestaan buiten de Sint-Katelijnepoort naast de herberg van Berchem'. Tot 2 augustus 1432 [SAA: Sint-Niklaaskapel] zal het evenwel duren vooraleer kapel en altaar zullen gewijd worden. [prims-gva_4-1980, p.164-167]

1424

Sint-Elisabethsvloed
        
         

19 november 1424: Sint-Elisabethsvloed (stormvloed). [Lexicon-1994, p.325].

? 1430: Sint-Elisabethsvloed (stormvloed).

1425

klimaat: strenge winter
 
bedijkingswerken

1425: De Schelde ligt dichtgevroren tussen Antwerpen en Bath.


1425: In Oosterweel zijn de nieuwe indijkingswerken en de nieuwe verdeling van de 'herverste' (d.i. op het water herwonnen) landen voltrokken. [prims-asia51, p. 41]. (opm.: datum dijkbreuk niet bekend).

1430

rentmeester:
Nikolaas van der Heyden

watermolen op Klapdorp

toponiem Watermolenbrug

oprichting Gulden Vlies

1430: Nikolaas van der Heyden, rentmeester. [Guicc-idyll-1987, n292]


1430 (? of 1433 of 1435): Bouw door de stad van de stadsmolen bij uitstek van de 'Watermolenbrug' d.i. de actuele Hessenbrug (tussen de Paardenmarkt en Falconrui). In 1444 worden er "vele onkosten aan gedaan" (De Moy). Een latere molen van de 'Watermolenbrug' zal staan aan de Pisternepoort in de Nieuwstad, de vroegere locatie was immers een binnenwater zonder getijdewerking geworden. Stadssecretaris Hendrik De Moy, die de datum 1430 opgeeft voor de bouw, noteert i.v.m. één van beide molens dat hij afgebroken wordt in 1670, onduidelijk is welke. In de kroniek van Van Caukercken, die 1433 stelt (naar nog een andere kroniek) wordt genoteerd: "Dit jaer maelde voor de eerste reyse eenen watermeulen gestaen opt Clapdorp (de toenmalige benaming voor een deel van de Paardenmarkt). Desen heeft gestaen op de brugge by het Hessenhuys dewelcke van outs heet de Watermeulenbrugghe". 'Watermolenbrug' is dus de oudere naam voor 'Hessenbrug'. [prims-asia31, p.362-363, 370]; [torfs-nieuwe_2-1865, p.89 n.2 (met verwijzing naar Mertens en Torfs II, 376 en ibid. III, 168) schrijft: "die daar in 1435 zou zijn gebouwd"].

10 januari 1430: Filips de Goede richt - ter ere van zijn (derde) huwelijk met Isabella van Portugal - de Orde van het Gulden Vlies (ordre de la Toison d'or) op, een wereldlijke ridderorde. Het doel dat Filips met de oprichting voor ogen stond was Kerk en geloof te verdedigen en de adel nauwer aan zich te binden. Leden genoten allerlei voorrechten, zoals het bekleden van belangrijke bestuursfuncties en het privilege alleen berecht te kunnen worden door de soeverein of door ordebroeders. Na het uitsterven van het Bourgondische Huis ging de waardigheid van grootmeester, die onder andere het recht van benoeming van de ridders met zich meebracht, over op het Oostenrijkse Habsburgse Huis (1477) en in 1559 op het Spaanse Habsburgse Huis. Vanaf 1713 bestaan er takken van de Orde in Oostenrijk en in Spanje. Het ordeteken is een gouden ramsvacht, hangend aan een gouden keten. (naar: Lexicon-1994, p.145)

1431

infrastructuur: voorloper Herentalsevaart

Pieter Pot

godhuis Sint-Salvator

klooster Sint-Salvator

1431: Aanvang van het graven van de ruivertakking Meir naar de Blauwe toren. [Huet-onder-1927, p.17]. Uit 1440 dateren grotere plannen van wat later de Herentalsevaart zal worden, in 1486 worden de werken pas gestart, om vier jaar later, in 1490, klaar te zijn. [stockmans-d&b_I, p.214]. < zie 1440>


1431: Peter Pot (Utrecht, 1375 - Antw., 1450) richt in zijn woning in de Munsterstraat (actueel Grote Pieter Potstraat) een kapel in met wekelijkse brooduitdeling. Hieruit ontstond het Aalmoezengodshuis 'Sint-Salvator'. Deze vermogende en liefdadige man liet hierna, in 1445, op zijn gronden een priorij bouwen, die in 1652 de Peter Potsabdij zal worden. [vdw-1977, p.370] < zie 1439 >
? 1433: Pieter Pot (° Dordrecht - † Antwerpen, 1450) sticht het cisterciënserklooster van Sint-Salvator op gronden tussen de Vlasmarkt en de Hoogstraat (waar nu de Grote en de Kleine Pieter Potstraat zijn gelegen). In 1446 keurde de paus de definitieve inrichting van dit klooster goed. [Guicc-idyll-1987, n296] < zie 1439 >

1433

watermolen op Klapdorp

hoge
graanprijzen

1433 (of 1430?): Mogelijk bouwjaar van de 'Watermolen' bij de Paardenmarkt. [prims-asia31, p.362-363, 370]. < zie: 1430 >

1433: « Anno 1433 verkocht men het koren, te Antwerpen, dry-en-twintig dukaten» [d.w.z. duur - WS] [GRAMAYE: "Antverpia". Lib.I, cap.XIII] in: [torfs-honger-1846, p.357]

1434

klimaat: strenge winter

1434-1435: Klimaat: strenge winter ("De lange winter").

1435

Haringtolkwestie

uitnemen stadspoorten
        
         

1435: i.v.m incident met de hulk (1435) op de Schelde en gevolgen [Tol van Kallo (Calloo); Haringtolkwestie en bestraffing van de stad door de hertog]. De aanloop en nasleep hiervan omvat de periode eind 1434, begin 1435, wanneer de hertogelijke hulk op de Schelde gelegd werd, tot 1440, als de in 1436 uitgenomen stadspoorten mits schuldbetaling opnieuw mogen ingehangen worden. [prims-gva_4-1980, p.74-80; zie ook p.100];

1437

huizentelling

1437: Eerste betrouwbare huizentelling in Antwerpen: 3440 eenheden

1439

Pieter Pot

1439: Stichting door Pieter Pot van een 'almoese godtshuys in de Munsterstrate' (vandaag: Grote Pieter Potstraat). [prims-asia28, p.136] < zie 1431 >

1440

infrastructuur: voorloper Herentalsevaart
        
         

1440: Plannen worden opgemaakt om Grote en Kleine Nete bevaarbaar te maken en deze rivieren via een te graven kanaal met Antwerpen te verbinden. Pas in 1486 zal men uiteindelijk van stadswege beginnen graven aan deze latere Herentalsevaart, nadat een allereerste tracé intra-muros, het deel tussen Meir en Blauwetoren in 1431 aangezet was. (Mertens en Torfs, Gesch. v. Antw. III, 165 passim) [stockmans-d&b_I, p.214]. < zie 1431 >

1441

brand in Bullinckstraat

Oude Beurs

1441: Brand in de Bullinckstraat (nu een deel van de 'Oude Beurs'). Deze straat zal nadien uitgroeien tot vestigingsplaats van de Engelse wolhandel en tijdelijk als Wolstraat bekend staan. Begin 16de eeuw wordt het daar Borzestraat, naar het daar ingerichte beursgebouw. Na verhuis van deze eerste beurs naar de naburige Hofstraat krijgt de straatnaam het kwalificatief 'Oude' mee. [Zie: lattin-evoluties_4-1944, p.130]

1443

reglementering veeweiden 

Sint-Elooiskapel
        
         

1443: De Antwerpse overheid reglementeert het laten lopen van vee op de stadsomwalling: "Dat men van nu voortaan geen koeien, paarden, schapen, geiten of varkens zal laten gaan op de vesten binnen of buiten de stad...". Drie jaar later, in 1446, volgt een verordening die specifiek de varkenhouders in de stad viseert. Varkens moeten uit het straatbeeld verdwijnen. [SAA: Gebodboek van de keurmeesters, in: prims-asia36, p.285].

19 januari 1443: Jacob de Cock en zijn vrouw geven hun huis met keuken, gronden, enz... op het Klapdorp (Paardenmarkt) aan het ambacht van de smeden, op voorwaarde dat het voorhuis als kapel of godhuis gewijd aan Sint-Elooi (H. Eligius) zou ingericht worden. [prims-gva_4-1980, p.155-157]. De kapel lag aan de Toog (nabij de Venusstraat) en werd in 1857 gesloopt.

1445

nieuw galgenveld
        
         

1445: « In Antwerpen fungeerden verschillende ruimtes als executieplaats. Zo stond tussen 1200 en 1300 de galg opgesteld op de hoek van de Lange Nieuwstraat en de Lange Clarenstraat (sic). Daarnaast was er ook een galgenveld aan de Veemarkt op de plaats waar nu ongeveer de Sint-Pauluskerk staat. In 1445 werden nieuwe galgenvelden geopend in de buurt van het huidige Albertpark en op Stuivenberg. » [wit_8, p.187].
In een oudere publicatie stelt Francine De Nave de data voor het functioneren van de terechtstellingsplaats loco Koning Albertpark op "einde 14de eeuw tot 1703: op de Warande". [bonon-1978-nave, p.75-76]. – < Zie voor de andere benamingen van dit actuele park(je) 1232 en een historiek 1809 >
« Volgens L. Van Caukercken lag het galgenveld omstreeks 1285 juist buiten de stadsmuren op het Kipdorp. »
[wit_8, p.184, + ill.].

1447

burgemeesters

afkoop Aiendijktol
        
         

1447: Jan Noyts, Jan Van Ranst, burgemeesters van Antwerpen. [zie ook: prims-turf-1923, p.13 voor opsomming van schepenen].

1447: Afkoop van de tol van de Aiendijk (Eiendijk, Ayendijk): Een tolverplichting die voor iedereen, Antwerpenaar of vreemdeling, woog op het passeren van de Aiendijk, d.i. het stuk tussen Munsterbrug aan de Potvliet tot de Deurnebrug, op de uitvalsweg naar Turnhout, Keulen. Sinds mensenheugenis behoorde dit tolrecht toe aan de Sint-Michielsabdij, « die tollen dagteekenden van toen Antwerpen nog minder beteekende dan Deurne » (sic). [prims-gva_4-1980, p.87].

1448

Minderbroedersklooster

1448: Stichting van het minderbroederklooster. [Guicc-idyll-1987, n55].

1450

Minderbroedersklooster

aankoop veerrecht 
         

11 augustus 1450: Henric Berninck, gardiaan, en het klooster van de minderbroeders, verklaren hun kloosterregel streng te zullen naleven. Gebeurt dit niet dan verbeuren zij het erf op het raamveld, hun door de stad gegeven. [SAA, K charter, B 558 (Nederlands)].

13 november 1450: Aankoop van een gedeelte (ca. 3/4) van het veerrecht (Vlaams Veer) door de stad. Het veer, op de rechteroever ter hoogte van Sint-Michiels gelegen, bediende het verkeer richting Parijs en Rome via de Rijselsebaan. Deze verkeersweg vertrok aan het Vlaams Hoofd op de linker-Scheldeoever. [prims-gva_4-1980, p.88].

1453

ziekenzorg: dulhuys

1453: « Wert gesticht het dulhuys (krankzinnigengesticht, huis voor geesteszieken) in de Stoofstrate, bij Sint Janspoorte. » [Chronijke-1926, p. 74bis] < zie 1552 >

1455

financiering kathedraalbouw
        
         

1455, maart 18 (n.s.): Burgemeesters, schepenen en raad van de stad Antwerpen maken bekend dat voor de bouw van Onze-Lieve-Vrouwekerk de tarweaccijnzen gedurende zes jaar, ingaande op 24 maart 1455, van 2 gr. per viertel op 3 gr. per viertel worden gebracht. [SAA, K charter B 176]; [Gepubliceerd: de Reiffenberg : "Pièces relatives à la construction de la cathédrale d'Anvers", in: Bulletin de l'Académie Royale des sciences et belles-lettres de Bruxelles", T XII, 1re partie. 1845, blz. 49-50].

1456

gilden en ambachten: goud- en zilversmeden
        
         

24 februari 1456 (n.s.): De goud- en zilversmeden verkrijgen hun statuten van de stadsmagistraat. Ontstaan van de zelfstandige 'Neeringhe' of natie der goud- en zilversmeden. Al vanaf 1382 vormden deze een ambacht samen met de glazeniers, borduurwerkers, beeldhouwers en schilders - de voorloper van de Sint-Lucasgilde. Toch zullen vele edelsmeden na 1456 ook nog lid worden van de kunstenaars en kunstambachten overkoepelende Sint-Lucasgilde. [antw_XVI-1975, p.490]; [kaska-1964, p.13].

1457

burgemeesters

boycot door Engelse Natie

1457: Nikolaas van der Elst en Nikolaas van Herde, burgemeesters

1457 (na de pinkstermarkt): Misnoegd geen genoegdoening gekregen te hebben omtrent een banaal waaggeschil (een gescheurde zak van de verfplant wede) beslissen de Engelse handelaars (Engelse Natie) de komende Antwerpse jaarmarkt te mijden. Voortaan zal zulk een boycottactiek meer toegepast worden, ook door de Oosterlingen (Hanze). Brugge kende het fenomeen al in 1451-1454. Om de handelaars terug te winnen moet de stad toegevingen doen.
Literatuur: "Hoe de Engelschen ons verlieten in 1457", in: prims-asia36, p.109-116.

1458

klimaat: strenge winter

'Kamer van de Huisarmen'

gilden en ambachten: 
oprichting 'Vier gekroonden'
        
         

1458: Schelde, Rijn, Seine en Donau vriezen dicht.


1458: Oprichting van de 'Kamer van de Huisarmen', als aanvulling op de openbare liefdadigheid. [wit_15, p.348].


21 augustus 1458: Oprichting van de groepering van Antwerpse tegeldekkers, metselaars, steenhouwers en kasseiers als 'ambacht' - en niet gilde - van de 'Vier Gekroonden' ('Quator Coronati')'.
Vier Gekroonden: men verwees hiermee naar de patroonheiligen van de middeleeuwse metselaars en de steenhouwers: de vier broers Claudius, Castorius, Symphonarius en Nicostratus. Dezen zouden volgens een symbolische legende een opdracht gekregen hebben een tempel te bouwen met een gebeeldhouwde afbeelding van Aesculaap. Bij hun opdrachtweigering liet keizer Diocletianus ze terechtstellen en in loden kisten begraven. Door een vroom christen werden de kisten echter ontvreemd. Later zou paus Leo IV de vier martelaren bijzetten in de Coeiliuskerk in Rome, waarna de cultus zich van Italië over gans Europa verspreidde. De eerste bronnen ervan in Vlaanderen dateren uit de 13de eeuw.

1459

stormklok 'Gabriel'

1459: De stormklok, 'Gabriel', in de toren van de Onze-Lieve-Vrouwekerk (kathedraal). <zie ook: 1316 >>

1460

Bargiehuis

Onze-Lieve-Vrouwepand

parochie Ordam

Willem Ortelius

Justus van Gent
        
         

1460: Oprichting van het Bargiehuis (Van Meterenkaai).


1460: Oprichting van het Onze-Lieve-Vrouwepand tussen het Groenkerkhof en de Lombardenvest door de kanunniken van Onze-Lieve-Vrouw. Het bestond uit een ruime vierkante binnenplaats met overdekte gaanderijen er omheen, waar koopwaren werden uitgestald. De gaanderijen werden verhuurd aan handelaars in boeken, prenten, schilderijen, beeldhouwwerken e.d.m. Geruime tijd was het een bron van inkomsten voor het beheer van de kathedraal. In 1560 werd besloten het verouderde pand op te ruimen, er een straat door te trekken (Pandstraat) en huizen te bouwen. « Wert gemaeckt de nieuwe pant by Onse Lieve Vrouwekerckhoff voor die kooplieden van boecken, schilderyen, beltsnydereye, ende schrynwerk te coop te stellen. Daer desen pant placht te syn is nu de Pantstraat. » [vdw-1977, p. 364]; [prims-asia36, p.327 (Kronijk Van Halmale)]; [Chronijke, 1926, p.74bis].


1460: « [...]. Hetzelfde jaar werd de kerk van Ordam, gelegen bij Lilloo, tot een parochie gewijd. » [prims-asia36, p.327 (Kronijk Van Halmale)].


1460: Willem Ortels (geb. Augsburg, Duitsland - overl. Antw.(?) 1511), vestigt zich in Antwerpen. Twee van zijn kleinkinderen zullen geschiedenis maken: handelaar en geschiedschrijver Emanuel van Meteren (geb. Antw. 9 juni 1535) en cartograaf Abraham Ortels (Ortelius, geb. Antw. 4 april 1527). [staes-reizigers-1883, p.9-10]; [New Grolier Multimedia Enc., Rel.6, v. 6.02 (1993)].

1460: Justus van Gent (Joos van Wassenhove, Joos van Gent; ca. 1430-ca. 1476) wordt ingeschreven in de Antwerpse Sint-Lucasgilde. Deze kunstschilder is een van de weinige 15de eeuwse Vlaamse meesters die in Italië werkzaam zijn geweest. Kort na 1465 vertrok hij om in dienst te treden bij Frederigo da Montefeltro, hertog van Urbino. [New Grolier Multimedia Enc., Rel.6, v. 6.02 (1993)].

1461

Coletinenklooster, Arme Klaren
        
         

1461: Stichting van het Antwerpse klooster van Sint-Clara (coletinenklooster, arme klaren) vanuit de Gentse abdij, waarvan de oprichting in 1427 door paus Martinus V en in 1428 door de Gentse schepenen was goedgekeurd. Na het overlijden van Colette Boylet (de latere heilige Coleta; begraven in Gent) op 6 maart 1448 ontstonden vanuit Gent stichtingen in Antwerpen (1461), Luik (1474), Brugge (1479), Mechelen (1500), leper (1594) en Doornik (1628).

1463

deflatie
     

1463: « Anno 1463 was het graan zoo goedkoop te Antwerpen, dat men een veertel rogge had voor vijf stuivers, en een veertel tarwe voor acht stuivers, en alles naar advenant. » [prims-asia36, p.327 (Kronijk van Van Halmale)]

« Anno 1463 was daerentegen een jaer van overvloed, en de landvruchten waren den geheelen winter door buitengewoon goedkoop. Te Thienen gold de zak rogge 11 à 12 schellingen; de zak tarwe 16 à 18 schellingen; de maet boonen eenen braspenning; de maet erwten vyf kwaertjes van dezelfde munt. Nog lagere pryzen vindt men in de antwerpsche chronyk van den Kanonik Snyders. Te Antwerpen gold namelyk de veertel tarwe 8, en de veertel rogge 5 schellingen, terwyl de veertel erwten voor 5 braspenningen werd verkocht, en men dezelfde maet boonen voor eenen braspenning kon bekomen. [PAPEBROCHIUS; "Annales", T.II, p.60.] » [torfs-honger-1846, p.359].

1464

overstroming

klimaat: strenge winter
        
         

24 februari 1464: « Anno 1464 op St-Mathijs (24 februari) was het groote overstrooming; de dijken begaven op vele plaatsen, en veel menschen en schepen vergingen. » [prims-asia36, p.327 (Kronijk van Van Halmale)].

1464-1465: Klimaat: strenge winter

1465

burgemeester

funeraria: Isabella van Bourbon

1465: Jan Pot (zoon van Pieter), binnenburgemeester (in 1467 wordt hij buitenburgemeester). [Guicc-idyll-1987, n296].

25 september 1465: « Isabella van Bourbon (1436-1465), echtgenote van Karel de Stoute, overlijdt te Antwerpen. Ze wordt begraven in de Sint-Michielsabdij. In 1476 wordt in opdracht van haar dochter, Maria van Bourgondië, een graftombe met bronzen ligbeeld vervaardigd die op 8 februari 1478 in gebruik zal genomen worden. Bij de verjaging van de norbertijnermonniken uit de abdij in 1796 werd de kist geroofd, maar de daders werden nog tijdens hun vlucht gevat. Na een periode in de kapel van het stadhuis tentoongesteld te zijn werd ze overgebracht naar het Museum van de Academie. Ze zou evenwel niet naar het nieuwe museum [KMSKA, op het Zuid - WS] verhuizen en werd na 1874 (24 dec., ontwerp J. Schadde, nieuwe grafopstelling) in de kooromgang van de kathedraal geplaatst. Met de restauratie van de kathedraal (officiële opening 20 mei 1983) werd het grafbeeld (toegeschreven aan bronsgieter Jacques de Gérines) naar de Venerabelkapel verplaatst.» [AT-IX, 4, p.113-122]. - [« Uitgevoerd door een anoniem Brussels beeldhouwer », zie:grieten-olv-1996: 124-125, ill.; inv. 204]; [Later (na 1996) heropgesteld in noorderzijbeuk, nabij torenbasis - WS].

1466
 
burgemeester

klimaat: strenge winter

1466: Jan van Ursel, buitenburgemeester. [Guicc-idyll-1987, n277]

1466: IJsgang op de Schelde. « Anno 1466 ging men te Antwerpen over de Schelde vijf weken lang. En de paltsgraaf was toen te onzent, en als hij dat zag verwonderde het hem zeer. » [prims-asia36, p.328 (Kronijk van Van Halmale)].

1467
 
burgemeester

sociale onlust

1467: Jan Pot (zoon van Pieter) wordt aangesteld als buitenburgemeester (in 1465 was hij al binnenburgemeester geweest). Nog hetzelfde jaar wordt hij vermoord. [Guicc-idyll-1987, n296]; [Boris Rousseuw (GvA) "De Antwerpse Burgemeesters"].

Augustus 1467: vermeden omwenteling, oorsprong van de Brede Raad [prims-asia39, p.5-11].

1468

godshuis bij Minderbroeders

Hanzehuis (de Cluyse)

1468: Stichting door Merten van Hove van een godshuis voor zeven oude vrouwen "te Antwerpen bij de Minderbroeders". [prims-asia36, p.329 (Kronijk van Van Halmale)].

4 mei 1468: De Hanzekooplieden krijgen van de Antwerpse magistraat een vergader- en werkruimte (Hanzehuis op de Oude Koornmarkt; eerste of klein Oosterhuis, Oosterlingenhuis). [bouwen-3na-1976: 264, 266-270; ill.] – (Duitse Hanze: samenwerkingsverband van kooplieden uit Noord-Duitsland en uit het Balticum; men sprak bij ons van 'Oosterlingen' om hen te onderscheiden van de Zuid-Duitse kooplui). – Zie verder: 1564, 1893, 1918, 2005

Foto links: 'de Cluyse', het 'Kleyn Oosterhuys', Oude Koornmarkt 26, in 2003.

1469

wijkindeling

1469: 'Ordinantie van der porterien' en de omschrijving van de stad in 12 wijken. [prims-asia41, p.45]

1470

eerste veemarkt

klimaat: zeer droge zomers

1470: Bij verordening van de Hertog van Bourgondië mogen de buitenbeenhouwers in de stad hun vlees verkopen. Zo zal een eerste veemarkt op de actuele Eiermarkt ontstaan, later verhuist deze naar de nog zo genoemde Veemarkt.

1470 tot 1479: West-Europa: periode gekenmerkt door droge hete zomers. In 1473 viel er vijf maanden lang nauwelijks regen. (Klimaat Optimum)

1472

huizentelling

bevolking: ca. 30.000

1472: huizentelling in Antwerpen: 4510 eenheden (bevolking van ca. 30.000 inwoners).

1473

klimaat: droge hete zomer

watermolen bij Bargiehuis
        
         

1473: West-Europa: Droge hete zomer. Dat jaar viel er vijf maanden lang nauwelijks regen. (Klimaat Optimum).

1473: « Anno 1473 wert buyten Antwerpen die waetermolen gemaeckt aan het bargehuys van Jan Joes, ende aff is gebroken in 't jaer 1543, dit was den tweeden watermolen... » (Chronijke van Bertrijn). Deze molen waarvan de naam onbekend is bevond zich aan de Eerste Vliet (Brouwersvliet). [Chronijke-1926, p.74bis]; [holemans-1986]; [kockelberg-molen-1986, p.30].

1474

Engels pand/Juwelierspand

verplaatsing Munt

1474: De stad stelt het gewezen huis Vande Werve, gelegen aan de noordzijde van de Bullinckstraat (vandaag Wolstraat), ter beschikking aan de Engelse kooplieden. In de tuin ervan zal later het zogenaamde Engels pand, het latere Juwelierspand, gebouwd worden. [vdw-1977, p.354].


1474: Overbrenging van de Munt naar de Oever. [vdw-1977, p.449]. « [...]. In 1474 wordt op de hoek van de huidige Kloosterstraat en Muntstraat een nieuw gebouw voor de Munt opgericht, die voordien op de Vlasmarkt gevestigd was. De Antwerpse Munt was een belangrijke instelling, verantwoordelijk voor de muntslag en als dusdanig nauw betrokken bij de economische activiteiten. In de loop der eeuwen werd het complex dat het volledige bouwblok tussen de huidige Kloosterstraat en de Lange Ridderstraat omvatte, herhaalde keren uitgebreid of vernieuwd tot het gebouw zijn functie in 1758 gedeeltelijk verloor. Ten gevolge van de Franse Revolutie wordt het gebouw uiteindelijk in 1797 in beslag genomen en verkocht. In de loop van de 20ste eeuw verdween het complex definitief uit het straatbeeld. [...]. » - [Collegezitting 21 september 2000, Onderzoeksproject Munt. (A4 nr. 12856)].

Foto links: Timpaan van het Muntgebouw aan de Oever en Muntstraat (Ingemetseld restant: Academie, Mutsaardstraat).

1475

Heilige Geesttafel van Sint-Jacobsparochie

1475: Oprichting van de 'Tafel van de Heilige Geest' van Sint-Jacobsparochie, een instelling voor armenzorg. [wit_15, p.348].

1476

Burchtgebied: 'De Gans'

Gilden en ambachten: metsers en steenhouwers

1476: 'De Gans', in de Burcht, vermeld in 1476. Dit gebouw deed in die periode zowat dienst als gevangenis voor de Duitse hanze, zo blijkt toch bij een handelsconflict tussen een koopman en een Keuls handelaar tijdens de Pinkstermarkt (Sinksenmarkt) van 1476. [prims-gva_4-1980, p.240].

8 oktober 1476: Contract tussen het kapittel van Onze-Lieve-Vrouwekerk enerzijds en het ambacht van de metsers en steenhouwers anderzijds, waarbij het Besnijdenisaltaar (vml. Bode-altaar) in deze kerk door het ambacht wordt overgenomen. De familie Bode blijft in het bezit van haar rechten omwille van de twee kapelanie-stichtingen. Vermelding van graven en glasramen in de kapel. Het ambacht zal een altaarstuk mogen plaatsen, haar ambachtswapens mogen aanbrengen maar dient de oudere stichting (Heilig Kruis, Besnijdenis en Sint-Sebastiaan) te blijven respecteren. Naast hun ambachtsheilige moeten zij deze voorgaanden ook memoreren.
Transcriptie van een fragment uit het contract zoals gepubliceerd in willems-onderzoek-1828: 170-171 (geen bewaarplaats opgegeven).

« Wy Jan Van Mechelen ende Willem Van Tichelt, Scepenen van Antwerpen, maken cond dat voer Ons quamen Meester Jan Puylloys, Canonick, ende als Meyere van der capittelen in Onser Vrouwen kerke tAntwerpen, ende Meester Ambrosius Van Dinther, ooc Canonick, inde selue Kerken, in deen partie: Henrick De Gramme ende Jan Van Vorspoel, de jonghe, als dekens, Claus Libbrechts ende Jan Vrient Floryssone, als gezwoorne des Ambachts van den Metsers ende Steenhouwers tAntwerpen voers., voer hen ende inden name van den gemeynen geselscape desselfs ambachts, in dander Partie. Bekenden ende verliden onderlinge, in beyden partien: alsoe tselue Ambacht, wt rechter deuotien, geneycht is te eerene ende te verchierne een Outaer vander ouder Besnijdenissen Ons Liefs Heeren, inder seluer Kerken ghestaen, soe hebben de voers. partien te beyden zijden gemaect ende geordineert de punten, conditien ende vorwaerden nabescreuen. Te wetene, in den yersten: want die van den gheslechte van den Bodinghers in ouden voorleden tiden opten voers. Outaer gemaect ende gefundeert hebben erflic ende eeuwelic twee Capelrijen, ende want zy oec huer sepulture in de selue Capelle begrepen hebben, gelijc dat blijct byden sarken, dair innen gelegen, ende di den gelaesvenstren, dair inne staende, ende met huer wapenen verwapent, soe es vorwaerde, dat die van den voers. geslechte behouden selen alle gesach die sy dair innen gehad hebben. Ende de voers. Metsers ende Steenhouwers selen moegen maken opten Outaer inde voers. Capelle een redelike Outertafele alsulcke als hen gelieuen sal, ende die mogen verwapenen, oft met huren Ambachtsteykene chieren. Item noch selen zy in haer tafelen moeten stellen, totten Zanten dair zy nv devotie toe hebben, de Santen nv aldaer staende, te wetene tHeilich cruce, de oude Besnijdenisse, ende Sinte Sebastiaen, ... ».
Opm. WS: 'Jan Vrient Floryssone' is een voorouder van beeldhouwer en architect Cornelis (II) Floris alias 'Cornelis Floris de Vriendt' (Antwerpen, 1514 – Antwerpen, 20 oktober 1575). [zie vdw-1977: 176 (Florisstraat) voor beknopte genealogische gegevens]. // Een beeldsnijder Peter Vorspoel wordt in een Antwerpse Schepenbrief van 25 februari 1525 vermeld, mogelijk betreft het een verwant van de voornoemde Jan Van Vorspoel. [beterams-raa-1959: nr. 354, p. 61].

1477

volksopstand 'Quaye werelt'

doorbraak Burchtmuur

Zakstraat en Zakbrug

godshuis Almares

1477: 'Quaye werelt'. [prims-asia41, p.45].
« "De opstand van 1477, die de geschiedenis zou ingaan onder de benaming 'De Kwaaie Wereld', brak op 17 maart uit en was vooral gericht tegen de gebroeders Peter en Klaes van der Voordt, beiden stadstresoriers. Zij werden ervan beschuldigd het bieraccijns voor eigen rekening te heffen. Nadat de vierschaar had geweigerd het doodvonnis tegen hen uit te spreken namen de ambachten het recht in eigen handen en werden de Van der Voordts onthoofd. De 'krijters', zoals de oproerlingen werden genoemd, wensten verder rekenschap over de inkomsten en uitgaven van het stadsbestuur, dat voortaan voor de helft uit poorterij of patriciërs en voor de helft uit ambachtslieden zou moeten bestaan.
Maria van Bourgondië's positie was op dat ogenblik zo zwak dat de vorstin deze eisen inwilligde, en het niet waagde op te treden tegen de 'volksrechters' die de trezoriers hadden laten terechtstellen. Na haar huwelijk met Maximiliaan werden de tresoriers echter in ere hersteld en de leiders van de opstand veroordeeld tot pelgrimstochten naar het Heilig Land. » [JACQMAIN, Monique: in: guicc-idyll-1977, p.35, noot 84].

Literatuur: De "quaey werelt" of de Antwerpsche volksopstand van 't jaar 1477 / J. van Bree. - Antwerpen : Boucherij, s.n. - 55 p. : ill. - [SBA : K 110311]


2 april 1477: ('Quaye werelt') Het oproerige volk doorbreekt de burchtmuur en legt een houten brug over de Burchtgracht (Zakbrug een de Zakstraat). Kort erop wordt eveneens aan het Pensgat, aan de Scheldekant, de burchtmuur doorbroken. « Anno 1477, opten 2 April doen wert den muer van der Borch 'Antwerpen aen den Sack dueregesmeten, ende die brugghe over de Borchtgracht gemaect, ende corte daernae noch duer den muer by tpensgat, ook eene brugge gemaect, tot geriev van alle den burgers ende cooplieden van deser Stad. » [willems-onderzoek-1828: 25 met citaat uit: « 'dBoeck der tyden int corte', uitgegeven door Le Long, Amst. 1753, bl. 221. »]; [vdw-1977: 132 (Pensgat), 528 (Zakstraat)].

1477: Stichting van het godshuis Almaras op de Paardenmarkt (foto links). Dit 'cleyn dulhuys oft goidshuys van Franchois van Almaras' was opgericht voor het verblijf van twaalf vrouwen. In 1838 werd het herbouwd ten behoeve van zestien bejaarde echtparen. [vdw-1977, p.362].

1479

burgemeester:
Reinier van Ursel (6x)

1479: Reinier van Ursel zesmaal binnenburgemeester tussen 1479 en 1492

1480

huizentelling

klimaat: strenge winter

Sint-Lucasgilde + rederijkers

1480: De stad Antwerpen telt ca. 5.600 huizen. De bevolking van de 11 kloosters, 6 gasthuizen en 12 godshuizen wordt op een 400-tal geraamd. Het begijnhof telt 70 personen. [prims-addeh-1951, p.373].


3 januari 1480 tot half maart: Schelde toegevroren. [prims-gva, Kronijken 1477-1555].


1480: De Sint-Lucasgilde versmelt met de rederijkerskamer 'De Violieren' ('De violieren blomme'). Later, in 1680, zal een versmelting met 'De Olijftak', een andere Antwerpse rederijkerskamer, tot stand komen.[kaska-1964, p.6, 14].

1480-1481: Klimaat: strenge winter

1481

Onze-Lieve-Vrouwekerk

boekdruk in Antwerpen

meelschaarste

aankoop Burchtgracht

1481: Sloop van de laatste resten van de vroegere Onze-Lieve-Vrouwekerk.


1481: Simon Van Venlo drukt het eerste boek in Antwerpen, het 'Boexken van der officiën'.


1481: Stadsadvocaat Willem Pauwels schenkt zijn 41 werken tellende boekencollectie aan het stadsbestuur.


1481: Groot gebrek aan meel omdat de watermolens wegens de vorst niet malen konden. [Prims-GvA, Kronijken 1477-1555].

1481: De stad Antwerpen koopt de Burchtgracht (de gracht rondom de oude hertogelijke burcht) tegen 300 pond eens en een erfcijns te betalen aan de hertogen Maximiliaan en Maria. [prims-asia31, p.369]. "De burchtomheining wordt gesloopt in 1481 en de oudste kern wordt opgenomen in de predominerende handelsnederzetting." ["Architectuurgids Antwerpen". Brepols, 1993, p.VII].

1482

klimaat: strenge winter

1482: Schelde toegevroren. [Prims-GvA, Kronijken 1477-1555]. « Anno 1482 "waest eenen bysteren somer van couden, hagel, blixem ende donder, al of 't winter geweest hadde, soo dat gheen vruchten tot rypheyt en quamen". Den 29n october deden de erfgenamen van Klaes Van Nieuwenhoven, te Brugge, twaelf maten gebakken graen uitdeelen, hetwelk zulk eenen toeloop verwekte, dat zeven arme menschen aen de poort van het sterfhuis werden versmacht en vertreden (3).

(3): W. VAN HEYST, "D'Boek der Tyden", ad. Am. 1483, bl.230.; REYGENBERCH, "Chronyke van Zeeland", blad.218; "Chronyke van Vlaenderen", II.Deel, bl.603 en 606. » [torfs-honger-1864, p.360].

1483

exotisme

klimaat: koude zomer

1483: Een olifant 'en een wildeman die niet sprak' in Antwerpen aangekomen. [Prims-GvA, Kronijken 1477-1555].

1483: Bar slechte klimaatsomstandigheden. 'Dit jaar was zoo ontijdig dat men den Zomer uit den Winter niet kon bescheiden'. [Prims-GvA, Kronijken 1477-1555].

1485

Beurs (handelsbeurs)

militaire operatie tegen Vlaanderen

herstel tolvrijheid

Sint-Jorisprocessie

1485 (ca.): Oprichten door de Stad van een eerste functioneel beursgebouw, vandaag gelegen Hofstraat 15. Dit in vervanging van het ervoor in gebruik zijnde huis 'de borse' gelegen aan de actuele Oude Beurs. Op de binnenplaats hiervan kwamen tot die datum de kooplieden voor hun beurstransacties bijeen. [vdw-1977, p.354].


23 april 1485: (Sint-Jorisdag) Overwinning van de Antwerpse milities, gesteund door troepen van de hertog van Brabant, op de Vlaamse bezetters van de schans Kloppersdijk nabij Kallo. De door de Vlamingen belaagde tolvrijheid op de Schelde werd hierdoor opgeheven en de 49 opgehouden handelsschepen gelost. Als blijvende herinnering hieraan werd vanaf dan de Sint-Jorisprocessie (Sint-Jorisomgang) gehouden, en dit tot in 1751. De feestelijkheden van deze ommegang vonden telkens plaats zaterdag en zondag na Sint-Jorisdag, 23 april. Zondag hield men de eigenlijke processie. Omwille van de veel voorkomende gelijklopendheid met de Paasweek, is later de datum van deze Sint-Jorisprocessie verlegd. De route van de ommegang liep van Sint-Joriskerk langs Kammenstraat, Steenhouwersvest, Sint-Janspoort (Oever), Hoogstraat, Grote Markt (Stadhuis), Melkmarkt, Meirpoort (Meirbrug), Lange Gasthuisstraat, Sint-Joriskerk. [zie: prims-joris-1924, p.51-53].

22 december 1485: Onze-Lieve-Vrouwebroeders, Meir - Bulle van paus Innocentius VIII aan Maximiliaan van Oostenrijk, over de oprichting van een karmelietenklooster te Antwerpen (toestemming). [SAA, K charter, C 572 (Latijn)].

1486

bevolking: ca. 40.000

ontvangst Keizer Frederik

1486: Antwerpen telt een 40.000 tal inwoners. [wit_17, p.400].

15 september 1486: Keizer Frederik wordt in Antwerpen met grote eer ontvangen. [Prims-GvA, Kronijken 1477-1555].

1487

pest

'den zoeten naam Jhesus'

gilden en ambachten: turfdragers

fortificatiewerken

muntslag Maximiliaan

juni 1487: Einde van een pestplaag in Antwerpen. « In Junio cesseerde de pest alhier, met briefkens te plakken op de deuren van de huizen waarop de naam Jhesus was geschreven. » [Prims-GvA, Kronijken 1477-1555]. – « In 1487 bestrijdt men de pest door op de deuren der huizen een brief met "den zoeten naam Jhesus" aan te brengen. Het voert tot bijzondere devotie. Vele Antwerpsche huizen of erven zullen voortaan aldus heeten. » [PRIMS, Fl. : "Antwerpsche altaarstudiën: een overzicht", (Antwerpen), (1939), p. 30. (Overdruk "Bijdragen tot de geschiedenis", juli-september 1939)].


1487: De turfdragers (als ambacht erkend in 1447) huren van de stad een speciaal voor hen opgetrokken gebouwtje ("loofke of huiske") aan de Melkbrug [een brug over de rui aan de Melkmarkt, ongeveer ter hoogte van de Jezuïetenrui]. Het is hun eerste bescheiden vergaderlokaal of ambachtshuis. In 1517 verhuizen ze naar een groter stadseigendom aan de Torfbrug ('Nieuwe Brug noordwaarts de Onze-Lieve-Vrouwekerk'). Eind 1579 zitten ze daar te krap behuisd maar kunnen de bovenverdieping van het ernaastgelegen huis van de kraankinderen bijhuren. Als voorjaar 1715 de stad beide eigendommen nodig heeft, gaan ze op zoek naar een nieuw onderkomen. Op 24 mei 1715 kopen dekens en oudermannen van het turfdragersambacht hiertoe 'De Groene Schild' op de Suikerrui, gelegen tussen het huis 'De Greffie' en het huis 'De Kroon'. In latere documenten wordt geproken van het 'Suikerstraatje omtrent Onze-Lieve-Vrouwekerk' (1745). In de Franse periode, wanneer het ambachtshuis als Nationaal Goed verkocht wordt, draagt het huisnummer Suikerrui 611 (zitdagen van 30 september en 5 oktober 1798). Na de afschaffing van de gilden en ambachten door de Fransen blijft de organisatie van het turfdragersambacht verderleven, al is het zonder publiekrechterlijke betekenis. In de handelsgids van Ratinckx voor 1847 staat de natie als 'Kool- en Turfdragersnatie' vermeld met als adres Oude Vaartplaats. Pas in 1863 valt definitief het doek over eeuwen geschiedenis: 'Het Handelsblad' van 15 april 1863 meldt de ontbinding van de natie en de openbare verkoop van de inboedel op de Vrijdagmarkt voor 17 april. Enkele privé-personen die waardevolle stukken verwierven, doen nadien schenkingen aan het archief van de Sint-Jacobskerk (Van Lerius, ordonnantieboeken) en het Oudheidkundig Museum Steen (J. Van Offel, ridder L. De Burbure). [prims-turf-1923, p.22, 27-28, 104, 282, 295, 342, 348-349]. – (Opm.: Bedoelde stukken uit de collectie van het vml. 'Oudheidkundig Museum' zijn anno 2004 o.m. te vinden in het Volkskundemuseum).


20 juli 1487: Commissarissen worden verordend tot het ophalen van geld voor het graven van de Antwerpse stadsvesting. [Prims-GvA, Kronijken 1477-1555].

21 juli 1487: Maximiliaan deed geld slaan in de Antwerpse munt, «... en sloeg zelf mede en wierp 25 gulden voor genoegte onder het volk.» [Prims-GvA, Kronijken 1477-1555].

1488

handel: Venetië

Sint-Barbaragodshuis

1488: Twee met goederen geladen Venetiaanse galeien meerden aan de Antwerpse rede. [Prims-GvA, Kronijken 1477-1555]. <zie 1318 >


7 februari 1488: Stichting van het Sint-Barbaragodshuis in de Lange Nieuwstraat, voor acht oude vrouwen, onder provisie van Beggaarden en Cellebroeders. [Prims-GvA, Kronijken 1477-1555].

1489

gilden en ambachten: kolveniers

1489: Oprichting van de Kolveniersgilde, Walr. Draeck als de eerste hoofdman. Papegaaischieten op de Huidevetterstoren. [Prims-GvA, Kronijken 1477-1555].

 

1490

hotel Immerseel

gilden en ambachten: schermers

overwelving Meirbrug

handel: Venetië

Herentalse Vaart

1490: Jan van Immerseel, markgraaf van Antwerpen, laat door Dominicus de Waghemakere (ca. 1460 - 1542) in de Lange Nieuwstraat het hotel Immerseel bouwen. In 1497 volgt de Bourgondische kapel. [thys-rues-1873, p.239]; [thys-straten-1893, p.281]. <zie 1497 >


1490: Oprichting van de Schermersgilde. [Prims-GvA, Kronijken 1477-1555].


1490: Overwelving van de Meirbrug. [Prims-GvA, Kronijken 1477-1555].


Mei 1490: Opnieuw Venetiaanse galeien in Antwerpen. [Prims-GvA, Kronijken 1477-1555]. < zie 1488 >.


28 oktober 1490: Aanvang van het graven van een gracht lopend van de Meir (Wapper) naar de vest aan de Blauwe Toren. Het water van de Herentalse Vaart (het zgn. Nieuwe Schijn) kon aldus naar het centrum van de stad geleid worden. Deze vaart, die onder de Blauwe toren doorliep, zal na intensieve bebouwing van de wijk tot een kwalijk riekende gracht verworden (vandaar de benaming Vui-rui). in de Hollandse periode zal ze overwelfd worden overeenkomstig het Napoleontische besluit van 7 oktober 1811. [vdw-1977, p.358]; [Prims-GvA, Kronijken 1477-1555].

1491

burgemeester

klimaat: strenge winter

toren Sint-Jacobskerk



bouw Houtkaai en Hooiwerf

Witzusters

1491: Koenraad Pot († 1511, zonder afstammelingen; zoon van Pieter), buitenburgemeester. [Guicc-idyll-1987, n296, p.68].


1491: Schelde toegevroren. [Prims-GvA, Kronijken 1477-1555].


1491: De grondvesten van de toren van de Sint-Jacobskerk worden gelegd. [Prims-GvA, Kronijken 1477-1555].


1491: Bouw van een nieuwe kaai tegenover de Munt (aan de Oever) [Houtkaai ?]. Bouw van de Hooiwerf (aan Jan Joos' watermolen) [«en de Hooiwerf ... werd rondom uit het water opgemetst»]. [Prims-GvA, Kronijken 1477-1555].


mei 1491: Voltooiing van de kerk van de Witzusters. [Prims-GvA, Kronijken 1477-1555].

1492

bouw Schijnbrug

Minderbroederskerk

muurschilderingen Onze-Lieve-Vrouwekerk

brand in Sint-Lambertuskerk

brand in Begijnhof

1492: Een stenen brug wordt over de rivier Schijn gelegd. [Prims-GvA, Kronijken 1477-1555].


1492: Aanvang van de werken aan het koor van de Minderbroederskerk. [Prims-GvA, Kronijken 1477-1555].


1492: « [...] Colyn de Coter die in 1492 het gewelf van de kapel van de Sint-Lucasgilde in de Onze-Lieve-Vrouwekerk engelen schilderde, en op de wanden, van boven tot onder, op decoratieve wijze ossen en vogels uitbeeldde, die het wapen van de gilde vasthielden. Hoewel hij als meester in de Antwerpse Sint-Lucasgilde werd opgetekend, zou hij toch spoedig naar Brussel terugkeren. » [Frans Baudouin, in: a_schildersschool-1992, p.10].


1492: Brand van de Sint-Lambertuskerk in Ekeren.


11 oktober 1492: Grote brand op het begijnhof tijdens de hoogmis. [Prims-GvA, Kronijken 1477-1555].

1493

bouw Gratiekapel

bouw kapel H. naam Jesus

bouw Cellebroederskapel

1493: Begin van de werken aan drie kapellen op diverse locaties: Gratiekapel, kapel van de H. Naam Jesus en kapel van de Cellebroeders. [Prims-GvA, Kronijken 1477-1555].

 

1496

haardtelling

bevolking: ca. 47.000

specerijenstapel

1496: Haardtelling (telling van het aantal 'haardsteden') [schmook-rid-1971, p.97]; [tekstueel: willems-onderzoek-1828, p.239-264].


1496: Antwerpen telt 124 straten. [G. Van Cauwenbergh, in: wit_4, p.91]. ca. 1500: Antwerpen telt ca. 133 straten intra muros. [vgl. soly-bonon-1978, p.99].


1496: Antwerpen telt ca. 47.000 inwoners. [soly-bonon-1978, p.95].


1496: Antwerpen wordt de centrale stapelplaats voor Portugese kruiden en specerijen.

1497

bouw Bourgondische kapel

1497: In de Lange Nieuwstraat wordt een huiskapel, de zgn. de Bourgondische kapel, gebouwd ter gelegenheid van het huwelijk van Filips de Schone met de Spaanse prinses Johanna (de Waanzinnige). [thys-rues-1873, p.239]; [thys-straten-1893, p.281]. <zie 1490 >

(foto links: exterieur Bourgondische kapel)

1498

refuge Sint-Bernardusabdij

1498: Aan de huidige Schoenmarkt beschikte de Sint-Bernardsabdij van Hemiksem vanaf het begin van de 14de eeuw over een refugehuis. In 1498 werd het bestaande gebouw vervangen door een stenen refugium. Waarschijnlijk bestond het geheel toen al uit een aantal gebouwen gegroepeerd rond een binnenplein. <Later: Bisschoppelijk paleis, zie 1778 + foto links >

1498

reglementering bedelarij

verplaatsing Vierschaar

1499: De Antwerpse stadsoverheid acht het nodig verbodsbepalingen te treffen tegen het meer en meer aangroeiend aantal landlopers (m/v) en bedelaars:

« Alzoo dagelijks binnen de stad, vooral binnen de twee jaarmarkten, en hoe langer hoe meer, vele ribouden en ghyleers (bedelaars) verkeeren en 's nachts op de straat als beesten liggen ten grooten nadeele van de ingezetenen en van de politie van de stad, zoo is gesloten, dat zoo wat riboude, ghyleer of riboudstere daar zij, of ook binnen de stad, 'ghylen' gaande langer dan drie dagen, dat men die terstond in den steen (gevangenis) leiden zal, en binnen den derden dag op het pelderijn doen zetten, en terstond daarna met roeien uit de stad doen slaan, en binnen het jaar daarna niet weder binnen de stad komen.» [SAA: Gebodboek van de keurmeesters, in: prims-asia36, p.287]. [zie ook: 1531, oprichting vondelingentehuis].


1499 (o.s. ?) : « De Vierschaar werd verzet en daar kwam O.L.V. Kapel. » (Op de plaats van de voormalige Vierschaar kwam de Burchtkerk of Sint-Walburgiskerk; Op de hoek Mattenstraat en Zakstraat werd een nieuw gebouw opgetrokken - zie: a° 1501 - WS) - [Kronijken 1477-1555, Prims V, 501]

1500

bevolking: ca. 40.000

verplaatsing IJzerwaag

1500: Antwerpen telt ca. 40.000 inwoners.
ca. 1500: Antwerpen telt ca. 133 straten intra muros. [vgl. soly-bonon-1978, p.99].


1500 (ca.): Het stadsbestuur beslist om de 'IJzerwaag', waar ijzer en koper inzake maat en gewicht werden gecontroleerd, over te brengen van de 'Driehoek' (de ombuiging Huidevettersstraat tussen de Komedieplaats en de Lange Gasthuisstraat) naar de Boeksteeg. [bouwen-3nb, p.XVIII].

 

Kroniek Antwerpen > 1401-1500

  Website gemaakt door www.goanna.be